Naar de inhoud
eendraadsplannen.be Bordgids Begin met tekenen
Werkstap 2 van 8

Kringen groeperen: wie samen uitvalt, kies je zelf

Met de kringlijst in de hand verdeel je de kringen over differentiëlen. Een deel van die verdeling legt het AREI op. De rest is een keuze die bepaalt wat er donker wordt als een differentieel springt, en hoe vaak dat gebeurt.

Wat vastligt

AREI

Vooraan zit minstens één differentieel die op hoogstens 300 mA aanspreekt. Vlak daarachter volgt minstens één gevoelige differentieel, in de taal van het AREI met hoge of zeer hoge gevoeligheid, wat neerkomt op 30 mA of minder. Daarop komen in elk geval:

  • gewone stopcontacten, dus niet de doos die enkel een vast opgesteld toestel voedt;
  • alle lichtkringen;
  • elke ruimte met bad of douche;
  • was-, droog- en afwasmachine.

Zo een gevoelige differentieel beschermt hoogstens acht eindkringen. Vaste toestellen zoals koeltoestellen, elektrische fornuizen en verwarming, en alles wat niet in het lijstje staat, mag meteen achter de algemene 300 mA hangen.

Met de gangbare actieve bescherming krijgt elke laadkring een differentieel voor zich alleen, van 30 mA of gevoeliger; de andere weg die het AREI toelaat, is een veiligheidsscheiding met een beschermingstransformator. In een woning is geen enkele differentieel lager dan type A.

AREI Boek 1, versie 2026: 4.2.4.3 b, 7.22.4.1 b en 5.3.5.3 a

Een groep van zes, op het schema

Uitsnede van het eendraadschema: differentieel B van 30 mA, type A, 40 A, vierpolig, met zes kringen: E en F verlichting op 1,5 mm² met automaten van 16 A, G, H, J en K stopcontacten op 2,5 mm² met automaten van 20 A.
Groep B van het voorbeeld: alle kringen van het gelijkvloers die onder 30 mA moeten, samen onder één vierpolige differentieel.

Zo lees je deze uitsnede

  • Diff B, linksonder, voedt de rail waarop de zes automaten aftakken. De onderste lijn is de rail van differentieel A; aan de rechterrand begint differentieel C.
  • E en F zijn verlichting: 3G1,5 en C16A. Twee lichtkringen in dezelfde groep is toegelaten, maar dan zit het gelijkvloers bij een fout volledig in het donker.
  • G, H, J en K zijn stopcontacten op 3G2,5 met C20A. J voedt ook koelkast en dampkap, maar de doos voor de microgolf alleen al trekt de kring onder 30 mA.
  • Achter elke automaat staat de fase: L1, L2 of L3. Elke fase komt in deze groep twee keer voor.

Drie manieren om groepen te vormen

Het AREI zegt welke kringen onder 30 mA moeten, niet welke kringen samen. Drie indelingen zien we in de praktijk.

Groepen kiezen: wat valt uit, en wat betekent dat
IndelingSpringt de differentieel, danSterkZwak
Per verdiepingis één bouwlaag stroomloos, licht en stopcontacten sameneenvoudig te lezen, kort te zoekendie bouwlaag staat volledig in het donker
Per functievalt alle verlichting uit, of alle stopcontacteneen lekkend toestel laat het licht brandeneen fout in de verlichting maakt het hele huis donker
Gemengdvalt een deel van een verdieping uitaltijd ergens licht, lekstromen gespreidvraagt een goede kringlijst om te lezen

Wat we in het voorbeeld kozen, en waarom

Praktijk

Groep B is het gelijkvloers, groep C de verdieping. Daardoor staan de lichtkringen E en F in een andere groep dan L: springt differentieel B, dan brandt boven het licht nog en vind je de trap. Groep D bundelt de natte ruimte en het witgoed, de kringen met de meeste kans op een lekstroom. Dat houdt de lekstroom van wasmachine en droogkast weg van de verlichting.

Kookplaat, oven, warmtepomp en ventilatie hangen rechtstreeks onder de 300 mA. Dat mag, en het verlaagt de som van de normale lekstromen per 30 mA-groep.

Het AREI vraagt in 5.3.5.3 d om de belasting zo te verdelen dat normale lekstromen een differentieel niet onnodig doen uitschakelen; hoe je dat doet, laat het aan de ontwerper.

Een andere elektricien had groep D misschien gesplitst, of de verlichting per functie gegroepeerd. Beide kunnen. Wat niet kan, is een stopcontactkring of de badkamer rechtstreeks onder de 300 mA hangen in een nieuwe installatie, of een negende kring onder een differentieel van 30 mA schuiven.

Een groep nakijken in zes vragen

  1. Telt elke differentieel van 30 mA hoogstens acht automaten? In het voorbeeld zijn het er 6, 4, 4 en 1.
  2. Staat er onder de 300 mA alleen wat daar mag: vaste toestellen en kringen zonder plicht tot 30 mA?
  3. Hangen de lichtkringen in minstens twee verschillende groepen? Geen regel, wel rust bij een fout.
  4. Heeft de laadpaal een differentieel voor zich alleen, en vangt iets de gelijkstroomfout op, ofwel in de kast, ofwel ingebouwd in de laadpaal? In het voorbeeld: Diff E voedt enkel U, en de laadpaal detecteert zelf residuele gelijkstroom.
  5. Is elke differentieel ten minste type A, en die aan het begin ten minste 40 A?
  6. Kloppen de codes onder elke differentieel met de kolom "Groep" van de kringlijst?

Het laatste woord over een echt bord heeft de keurder, niet deze lijst. Ze helpt wel om niets te vergeten voor hij langskomt.